De volgende zeven onderdelen verkeers-deelneming vormen de examenonderdelen van het praktijkexamen:
- wegrijden
- rijden op rechte en bochtige weggedeelten
- gedrag nabij en op kruispunten
- invoegen – uitvoegen
- inhalen – zijdelingse verplaatsing
- gedrag nabij en op bijzondere weggedeelten
- bijzondere manoeuvres
Voor elk van deze examenonderdelen worden voor de bepaling van de rijvaardigheid de volgende onderwerpen van beoordeling gehanteerd:
- rijklaar maken en bediening / beheersing
- milieubewust rijgedrag
- aangepast/besluitvaardig rijden
- belangen andere weggebruikers
- kijkgedrag
- voorrang verlenen / voor laten gaan
- plaats op de weg / van handeling
- (volg) afstand houden
- snelheid
- reageren op verkeerslichten / aanwijzingen
- reageren op overige tekens
- geven van / reageren op signalen
- vertragen / remmen / stoppen
Het praktijkexamen
Om praktijkexamen te mogen doen moet je in het bezit zijn van het theoriecertificaat. Daarnaast moet je achttien jaar oud zijn. Dit geldt overigens ook voor de rijlessen.
Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) verzorgt in Nederland de rijexamens. Tijdens het examen beoordeelt het CBR of je goed in staat bent om zelfstandig en veilig deel te nemen aan het verkeer. Als je rijvaardigheid voldoende is om zelfstandig de weg op te kunnen, verstrekt het CBR een Verklaring van rijvaardigheid.
Op basis van een eigen verklaring gaat het CBR ook na of je lichamelijke of geestelijke problemen hebt die van invloed kunnen zijn op je rijgedrag. Als er medisch geen belemmeringen zijn, verstrekt het CBR een Verklaring van geschiktheid.
Je rijbewijs krijg je niet van het CBR; dat verstrekt de gemeente waar je woont. Voorwaarde is wel dat je Verklaringen van rijvaardigheid en geschiktheid geregistreerd staan in het Centraal Rijbewijzen Register.
